zondag 16 februari 2014

Zoektocht 2014

Hallo sympathisanten,


Eindelijk weer wat nieuws op ons blog, na een welverdiende rust.
Voor velen onder u ligt de zoektocht in Geraardsbergen nog sluimerend in uw gedachten. Zelfs de regen kon toen het enthousiasme niet temperen. Het gezellig etentje achteraf was een gesmaakte afsluiter!

Hoewel er toen nog geen nieuw plan op tafel lag, hebben we toch maar besloten om er nog een jaartje bij te doen. Uit alle ideeën en wensen hebben we dan "Hasselt" gedistilleerd. We doen dus Limburg nogmaals alle eer aan.

Op dit blog hoop ik af en toe wat nieuws te brengen i.v.m. de volgende familie-vrienden-wandeling in het Limburgse Hasselt.

Vooreerst wat over de naamafkomst "LIMBURG":
De naam ontstond uit de woorden "klint" (linde) en "burch" (gebied). Het is dus het gebied met de lindebomen.



Het boek "VLAANDEREN (Peter Cuypers) – uitgeverij Lannoo" leverde de volgende wijsheden op.


De huidige provincie Limburg vormde in de middeleeuwen een deel van het graafschap Loon, dat in 1366 door het prinsbisdom Luik werd ingelijfd. Onder het Franse bewind behoorde het gebied tot het departement Nedermaas, waarna het ondergebracht werd in de Nederlandse provincie Limburg. Bij de verdeling van die provincie in 1839 behielden beide delen de naam Limburg.

De economische opgang van de in oppervlakte kleinste Vlaamse provincie begon pas na de Eerste Wereldoorlog, met de winning van de Kempense Steenkolen.

Terwijl Midden-Limburg verstedelijkte, behield het zuiden grotendeels zijn agrarisch karakter.

Vlaanderen mag dan al rijk zijn aan brouwerijen, de Vlamingen hebben zich in de loop der tijden niet alleen met bier gelaafd. In Hasselt, de hoofdplaats van Limburg en stad sinds 1232, werd al in 1610 jenever gestookt. Het is nog altijd een gegeerde specialiteit.
Maar Hasselt heeft nog meer te bieden. De gotische Sint-Kwintenskathedraal op de Vismarkt bezit een fraai interieur en een rijke kerkschat, waaronder een torenmonstrans uit 1286.
De toren van de kathedraal heeft een romaanse onderbouw uit de 12de eeuw en een vroeggotisch bovendeel uit het midden van de 13de eeuw, terwijl de torenspits dateert van 1751.

De laatbarokke, vroegclassicistische Onze-Lieve-Vrouwekerk, gebouwd in 1727-238, werd in november 1944 door een vliegende bom in puin gelegd, maar enkele jaren nadien in de oorspronkelijke stijl weer opgebouwd. In de kerk bevindt zich het beeld van Onze-Lieve-Vrouw Virga Jesse (midden 14de eeuw); het miraculeuze beeld werd in 1867 gekroond. Om de zeven jaar viert Hasselt met een ommegang door de stad de Virga Jessefeesten.

Het oudste en misschien wel mooiste gebouw van Hasselt is het Refugiehuis van de abdij van Herkenrode (15452-44), waarin thans het administratief centrum gehuisvest is. Het begijnhof in zijn huidige vorm dateert van de 18de eeuw, maar reeds omstreeks het midden van de 13de eeuw werd – toen buiten de stadsmuren – een begijnhof opgericht.

Aan het feit dat het er in en rond Hasselt niet altijd zo vreedzaam aan toegegaan is, herinnert het standbeeld van de Boerenkrijg op het Leopoldplein. Het werd in 1898 opgericht, honderd jaar nadat boeren en Fransen de slag bij Hasselt uitvochten.


Tot daar deze eerste toelichting. Meer nieuws volgt later.


Groetjes van LeoPol.


donderdag 5 september 2013

REGLEMENT ZOEKTOCHT


Reglement bij de zoektocht “GERAARDSBERGEN” 14 september 2013.

Deze wandelzoektocht wil aan de hand van een beschrijvende tekst en een reeks vragen de deelnemers
nader kennis laten maken met een stukje authentiek Geraardsbergen.

In de routebeschrijving zitten geen vallen, zodat iedereen de weg van begin- tot eindpunt makkelijk
moet kunnen vinden. Bij onvoorziene wegonderbrekingen of andere omstandigheden doen we beroep
op je gezond verstand. De inrichters zijn niet verantwoordelijk voor gebeurlijke ongevallen.

Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen hoofdletters en kleine letters: Zon = zoN = ZON.
Het lettertype is onbelangrijk: woord = woord = woord = woord.

Een tekst of woord tussen aanhalingstekens ( “ ….. ” ) in de vragen moet je kunnen lezen zoals het
tussen de aanhalingstekens staat.

Zonder aanhalingstekens moet je van het betreffende woord een afbeelding (of een deel ervan) kunnen
zien. (Een paardenkop staat dus ook voor een paard.)

Op bijna alle vragen kan je het antwoord ter plaatse aflezen of, mits wat speurwerk, afleiden.
Als een antwoord ter plaatse kan afgelezen worden, wordt deze tekst als enig correct antwoord
beschouwd (ook al is dit in tegenspraak met wat in de literatuur of op internet kan gevonden
worden!).
Waar het antwoord ter plaatse af te lezen is, vragen we wel een ‘correcte’ schrijfwijze (zoals het
ter plekke te lezen staat). Dus: thym ≠ thijm !

Jaartallen kunnen in alle vormen voorkomen: Romeinse cijfers (I, V, …), Arabische cijfers (1914…),
afgekorte vormen (14 i.p.v. 1914…), enz…

Dit jaar zijn er geen schiftingsvragen in de tekst verwerkt. Bij gelijkheid van punten zal achteraf door
de inrichter(s) een extra vraag gesteld worden…

Maar deelnemen is belangrijker dan winnen…


LeoPol

woensdag 4 september 2013

Van Krakelingen tot Tonnekensbrand




Krakelingen, Grondelingen en Tonnekensbrand.




De Oudenberg te Geraardsbergen had al in de oudheid een religieuze betekenis. Die erfenis leeft voort in het Krakelingenfeest, de laatste zondag van februari. Vanaf drie uur in de namiddag trekt een parade met zowat duizend figuranten door het stadscentrum om de turbulente geschiedenis van de stad uit te beelden. Voorspoed en rampen, alles wordt er uitgebeeld. Voor al wie het verleden van Geraardsbergen in een notendop wil leren kennen, is deze stoet een aanrader.
Het eindpunt van deze optocht is de Oudenberg. In de kapel (op het hoogste punt van Geraardsbergen) worden de “krakelingen” gezegend. Dit is een lokaal, hard gebakje, ook bekend onder de naam ‘mastel’. Deze zegening herinnert aan de heidense tijden toen de Keltische en later de Germaanse voorouders de ‘terugkeer van het licht’ vierden op de Oudenberg. (Volgens volkskundigen heette die berg in de Germaanse tijd ‘Odinberg.)
Het Krakelingenfeest hangt aaneen van heel wat tradities. Bekend (en berucht ook vanwege de kritiek van dierenrechtenorganisatie GAIA) is het drinken van een beker wijn met daarin een levend visje. Het gaat hier om een “grondeling”. De politieke prominenten die de dronk uitvoeren, beamen impliciet het oeroude heidense idee (nadien namen de christenen dat over) dat de vis het (nieuwe) leven verzinnebeeldt.
Het hoogtepunt van het feest is de “krakelingenworp”. Prominenten gooien dan handenvol krakelingen in de grijpgrage massa. En er is één gelukkige die de 'Gouden Krakeling' kan vangen. Dat geeft recht op een waardevol juweel. De kans voor de geluksvogel is zowat één op tienduizend. Die worp is een herdenking aan een belegering in de jaren 1380. Dat verhaal komt later misschien nog aan bod.
's Avonds, enkele uren na de krakelingenworp, vindt op de top van de Oudenberg nog een ritueel plaats, waarmee verre voorouders de prille lente welkom heetten:  “Tonnekensbrand”. Een met stro en hout omwikkelde paal wordt dan in brand gestoken. Met muziek en dans wordt dit tot ver in de omtrek zichtbare vuur gevierd. Daarna trekt de menigte in fakkeltocht terug naar de stad. Een feeëriek afsluiten van een dag vol geschiedenis, legendes, verhalen...


Wie viert er volgend jaar mee?


LeoPol

zaterdag 17 augustus 2013

Mattentaart




Geraardsbergen: mattentaart

 

Vermits, naast de “Muur”, vooral de “Mattentaart” het uithangbord is van Geraardsbergen, moeten we hierop toch verder ingaan.

De echte Mattentaart zoals we ze nu kennen is in (naar men zegt) 1846 bedacht door bakker Francis Morre (een rasechte Geraardsbergenaar).

Mag ik stellen dat hij deze lekkernij op punt gezet heeft. Maar de inspiratie hiervoor moet toch in het verleden gezocht worden, want al voor 1600 maakten teksten en troubadoursliederen melding van dit heerlijk taartje.

Hoewel men in Geraardsbergen niet gretig is om het geheim van dit gebak aan de buitenwereld kenbaar te maken, wil ik toch een poging wagen om een tipje van de sluier op te lichten bij de bereiding ervan.

De vulling (of ‘mat’) is het restant van gekookte koeienmelk die opgevangen wordt en dan uitgelekt is in een handdoek. Deze ‘mat’ wordt gemengd met meel, suiker, bloem, amandel.
Maar dit alles wel heel erg gedoseerd, want je kan een mattentaart uit Geraardsbergen niet harder beledigen dan door te zeggen dat ze ‘gefrangipaniseerd’ is. Neen, een mattentaart is geen frangipanegebak.

Dit excellent gebakje, met eenvoudige ingrediënten samengebald, wordt uiteraard ter plekke gekoesterd en wel op de eerste zondag van augustus, de jaarlijkse ‘Dag van de Mattentaart’. Maar uiteraard kan je dit gebak, dat intussen heel Vlaanderen veroverd heeft,  het hele jaar door proeven, en dit in heel Vlaanderen. Maar, ere wie ere toekomt, in de thuishaven Geraardsbergen zijn ze op hun best!


En nog dit: twee adresjes met heerlijk zelfgemaakte mattentaarten .

Matthijs in de “Lessensestraat 43” (vlak bij het station).
Cuvelier aan de “Groteweg 184” in deelgemeente Overboelare.

En vergeet je kleren niet af te vegen na verorbering van dit gebakje. Het is een heuse splinterbom van kruimels.

Smakelijk.

LeoPol

zondag 14 juli 2013

De "M" van Geraardsbergen




Geraardsbergen: de letter “M”


 

Dat de letter “M” in het toeristisch alfabet van Geraardsbergen een heel belangrijke rol speelt, moet uit wat volgt toch wel duidelijk worden…


Waarschijnlijk het meest bekend (zeker onder wielertoeristen) is de “MUUR” van Geraardsbergen. Toen de wielersport, kort na de Tweede Wereldoorlog; nood had aan een “col” in de Vlaamse Ardennen, werd de Oudenberghelling voorgesteld. Sindsdien is het een vaste waarde geworden in heel wat klassiekers. Ook de ‘Ronde van Frankrijk’ bleek geïnteresseerd. Deze vaste (?) waarde werd - spijtig - in de ‘ronde van Vlaanderen’ geschrapt.

Ook staat de M voor enkele waardevolle “MUSEA”. Denk maar aan de Chantillykant, de Tabaks- en de Sigarennijverheid, de garderobe van het vermaarde Manneken-Pis…

Ook meer dan 30 beschermde “Monumenten”, stadsgezichten en landschappen doen ons vele eeuwen cultuurhistorie beleven.

En wat dan te zeggen van de “Mattentaart”, een lokale delicatesse, bekend tot ver buiten de landsgrenzen.

Met “Manneken-Pis” val ik in herhaling. De Brusselaars zullen mij dit misschien kwalijk nemen, maar die van Geraardsbergen is veel, veel ouder.

Ook de “Marbol”, lokale naam voor de Marktbron, is geen onbekende voor Geraardsbergen. Deze werd heel wat eeuwen gevoed door ondergrondse aders, waaraan de bodem hier zo rijk is. De oorspronkelijke fontein kreeg een vernieuwde versie op het Marktplein.

Ook de “Mastellenworp” mogen we niet vergeten. Het is de lokale benaming voor de jaarlijkse Krakelingenworp, een eeuwenoud lentefeest dat plaats heeft op de Oudenberg. In de zoektocht vertellen  we hier waarschijnlijk meer over.


Groetjes.

LeoPol

donderdag 20 juni 2013

Geraardsbergen en boksen


Minder bekend, maar toch aardig meegenomen:




Eind mei 1948 stond Geraardsbergen in rep en roer. 

Hun ‘Tarzan’ Cyriel Delannoit werd Europees kampioen boksen.


Wie nog van dit soort onverwachte nieuwtjes heeft, doorgeven mag altijd.

Bijvoorbeeld via antwoorden op dit blog.


Groetjes.

LeoPol


dinsdag 18 juni 2013

Geraardsbergen: vervolg




Geraardsbergen: geschiedenis

(deel 2)


Dat Geraardsbergen doorklieft wordt door de Dender, zal iedereen wel weten. Deze rivier is zowat de grens tussen de ‘bovenstad’ en de ‘benedenstad’.

De bovenstad stijgt van ongeveer 20 m naar 110 m boven de zeespiegel. De internationaal bekende en ook gevreesde “muur” voert u naar dat hoogste punt. Niet alleen stoere beroepswielrenners, maar ook amateurs (Jan met de Pet) durven de beklimming ervan aan te gaan. Een hele uitdaging die beloond wordt met een prachtig vergezicht over de stad.
De eerder vlakke (en wat recentere) benedenstad, op het niveau van de Dender, kan vlot bezocht worden via het Stationsplein. Wel handig voor wie de wagen aan de kant wil laten.

Een snelle groei tot een belangrijk economisch centrum was vooral te danken aan de lakenweverij vanaf begin 13de eeuw. Het verdwijnen hiervan in de 15de eeuw zorgde dan weer voor een dieptepunt. In de 16de eeuw zorgde dan de opkomst van de kantnijverheid, de tapijtweverij en de lijnwaadindustrie voor een nieuwe bloei. Het rampzalig Spaans bewind, met heel wat plunderingen, zorgde weer voor een nieuwe diepgang. Het latere Oostenrijks bewind zorgde weer voor een gunstige periode voor handel en nijverheid (bierbrouwen, alcoholstokerijen en tabaksnijverheid). Roken en drinken heeft dus ook een goede kant! Ook de kantnijverheid bloeide in de 19de eeuw weer even op. Maar vooral de lucifersfabricatie en de sigarennijverheid zorgde toen voor bloei en werkgelegenheid. Maar mooie liedjes duren niet lang. Begin 20ste eeuw verminderde deze economische activiteit. Vele bewoners waren nu noodgedwongen op ‘pendel’ aangewezen. De bedrijvigheid van Geraardsbergen is nu vooral te danken aan haar commercieel-verzorgende functie en toerisme.

Van de vroegste omheining (omwalling) is niets bekend. De aanleg van de vestingmuren met versterkte torens en zes stadspoorten startte in 1332. Slechts één toren, vlak bij de Vesten,  is nog te bewonderen. In deze zoektocht kan u hiervan getuige zijn. De overgebleven Vesten (een aarden wal met palissaden) en stadspoorten werden in de 19de eeuw gesloopt.

Groetjes en tot een volgend blognieuws.

LeoPol